Fok Blog

Fok is een eigenzinnige roman over een jonge vrouw die de oceaan overzeilt en anders naar haar verleden leert kijken.

vrijdag 28 november 2014

Schrijven aan de Lek

Van november 2011 t/m januari 2012 was ik Writer in Residence bij Werk aan het Spoel in Culemborg. 



De wind giert om het atelier, een dijkhuisje net naast de weg. Mijn vingers ratelen over het toetsenbord. Ik zit in een pittige scene.

"Fok!" zegt ze met een brede grijns.
Lena antwoordt niet. Ze kijkt met opgetrokken wenkbrauwen naar Tara.
"Wel mot nou normoal doun, Lena," roept Jelle.
Iedereen in de cirkel staart haar aan. Dan begint Lena te lachen. De anderen volgen.
Tara's fok valt heel snel naar beneden. Harp voor harp glijdt haar woord langs de stag op de vloerbedekking. Ze wil iets zeggen, maar het lukt niet meer. Er zit een dikke o om haar keel geschroefd.

Dan wordt er op het raam geklopt. Een man met een hoog opgetrokken kraag heeft zijn voorhoofd tegen het raam gedrukt en kijkt naar binnen.  Oh ja, ik ben Writer in Residence. En dat betekent; de deuren van je atelier staan open.

Schrijven met open deuren
Kribbig laat ik de man binnen. Een deel van mij zit nog steeds in die klas. En achter de computer. Ik heb een beetje buikpijn.
Hij kijkt verdwaasd om zich heen. Hij is duidelijk op zoek naar een schilderij. Of een beeld.  Maar de muren en planken zijn leeg. En achterin staat mijn onopgemaakte bed. Uitgetrapte schoenen onder het bureau. Stapels papier.
'Eh, wat maakt u?' vraagt hij, al net zo ongemakkelijk als ik.
'Ik schrijf,' zeg ik kortaf.
'Oh wat interessant! Wat schrijft u?'
'Een roman.'
'Waarover?'
Ik wil hem vertellen dat ik dat niet weet. Ik ben nog aan het schrijven, ziet u. En het thema verandert in mijn handen. Maar dat alles is veel te moeilijk, vooral nu. Ik wil niet praten, ik wil schrijven.
Ik murmel iets over de zee, over land, over de scherpe kustlijn daartussen.

Als hij weg is, trek ik de rolgordijnen naar beneden en kruip weer achter mijn bureau. Maar de inspiratie is weg. Ik vraag me af welke kunstenaar dit wel kan. Tijdens het creatieproces een vrolijk praatje maken met bezoekers. Dat kan achteraf, maar toch niet tijdens de daad?

Schrijven over de zee
Ik doe de deur dicht en trek de uiterwaarden in.  Ik loop op mijn zware kisten, die ik ook in het boek draag. Stampend loop ik door de wind en de drassige uiterwaarden. Mijn wangen worden rood. Het lijkt hier op het wad. Watervogels, de geur van slik.

Langzaam loopt ze het schoolplein op. Iedereen bevriest. Lilian, Mandy en Lena stoppen met kletsen. Stap voor stap loopt ze over de tegels, haar stevige zolen en stalen neuzen maken een metaalachtig geluid dat tegen de muren van de school weerkaatst.

Ik hervind een gevoel van stevigheid. Als ik weer terug kom in mijn atelier, voelt het alsof ik thuis kom aan boord. Op een drooggevallen schip net achter de dijk. Ik schrijf over schommelende lampen aan het plafond. De geur van teer. Het geluid van klapperende zwaarden.

Vanaf het achterdek ziet ze hoe het water rondom het schip zich terugtrekt. Het is bijna windstil.

Daarna warm ik een maaltijd op in de magnetron. Ik heb hier geen kookstel. Ook geen douche. Alleen een karig keukenblokje en een wc. Ja, net een roef.

Schrijven in de nacht
En dan als het donker is, en De Veldkeuken aan de andere kant van de dijkweg haar deuren sluit, en er niemand meer is, stap ik het klaslokaal weer in. Nu is het veilig. Geen toeschouwers.

Na een pittig uurtje schrijven, loop ik naar buiten. Een kraakheldere sterrenhemel, ganzen roepen. Ik dans op mijn kisten op de verlaten dijkweg. Het metaalachtige geluid sterft weg in de nacht. Zo hoort het te zijn, Writer in Residence. Geen mensen, alleen de nacht, de rivier, het boek en ik.


Delen op een andere manier
De volgende dag besluit ik om buiten schrijftafels neer te zetten. Op elke windrichting eentje. Ik plak er schrijfopdrachten op. Daar mogen de mensen gaan zitten. En dan kunnen ze zelf schrijven.  Het ziet er gaaf uit. Die schrijftafels in de ochtendmist, naast de Lek, op een bunker, op de dijk. En het werkt. Mensen gaan er zitten en laten mij met rust. Af en toe geef ik een workshop. Dan staan mijn deuren open, maar daarna gaan ze weer dicht.

De gordijnen mogen open
Pas nu mijn roman af is, kan ik het delen. En over het schrijfproces praten. Op de plek waar ik eerst de gordijnen dicht trok, open ik ze nu. Ik deel schrijftips. Ik lees voor. In De Veldkeuken, op vrijdag 20 februari. Kom je ook langs? Ik stuur je deze keer niet weg ;)

http://www.wonder-word.nl/boekensoep.html






Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen